Douglas/Oregon pine
(terug naar houtsoorten of terug naar vloeren)

Atibt:  
Andere namen: inlands douglas, (in België en Nederland aangeplant), Europees douglas, Oregon pine (België, Nederland), douglas fir, douglas spruce, red fir, yellow fir (de Verenigde Staten), Oregon pine (Canada), Douglasie (Duitsland), oregon (Frankrijk).OpmerkingHet in Noord-Amerika gegroeide hout heet in Noord-Amerika douglas fir. Het uit Noord-Amerika geïmporteerde douglas fir wordt hier in de handel Oregon pine genoemd. Het in Nederland en België gegroeide hout wordt douglas genoemd.
Botanische naam: Pseudotsuga menziesii (MIRB.) FRANCO (= P. taxifolia BRITT.).
Familie: Pinaceae.
Groeigebied: Het westen van Noord-Amerika. Aangeplant in Europa, Nieuwzeeland en Australië.
Boombeschrijving: Hoogte 40 tot 60 m, maximaal 90 m. De rechte cilindrische takvrije stam is gemiddeld 20 m lang en heeft een diameter van 1,0-2,0 m, maximaal 4,5 m. Het in Nederland en België gegroeide douglas heeft minder grote afmetingen. De jonge bomen stoten hun takken moeilijk af en het hout is daarom nabij het hart kwastrijk. Op hogere leeftijd wordt het rechtdradige, kwastvrije hout gevormd.
Aanvoer: Vierzijdig bezaagde balken, gekantrecht hout en triplex.
Houtbeschrijving: Douglas heeft vers meestal een licht geelbruine kleur die aan licht en lucht op den duur verkleurt tot fraai oranjeachtig geelbruin. Van snel gegroeide tamelijk jonge bomen is het hout meer roodachtig en het wordt in de Verenigde Staten dan ook wel red fir genoemd, in tegenstelling tot yellow fir voor langzaam gegroeid fijnjarig hout dat geler is. Het witachtige spinthout is bij oude dikke bomen (old growth) maximaal 40-50 mm en bij jongere aanplant (second growth) 70-80 mm breed. Afhankelijk van het groeigebied (kuststreken of gebergte) is niet alleen de kleur maar zijn ook de volumieke massa en de sterkte variabel. Het in Nederland geïmporteerde hout is in de regel uit de kuststreken afkomstig. Douglas is harshoudend waardoor soms vettige vlekjes of streepjes op het geschaafde oppervlak zichtbaar zijn. Ook komen volgens de groeiringen verlopende, met hars gevulde holten (zogenaamde harszakken) voor. Door het kleurcontrast tussen het vroeg- en laathout van de groeiringen vertoont het kwartiers en halfkwartiers, het zogenaamd rift-gezaagd Douglas, een duidelijke streeptekening en dosse gezaagd hout een vlamtekening. Het in Europa gegroeide douglas is in uiterlijk en eigenschappen vergelijkbaar met het "second growth" uit Noord-Amerika. Het in Nederland groeiende hout dat onder de naam inlands douglas wordt verhandeld, is door de bredere groeiringen grover van structuur dan het geïmporteerde hout. Het bevat veelal brede banden dicht laathout die er voornamelijk de oorzaak van zijn dat het hout een behoorlijke sterkte heeft.
Loofnaald: Naaldhout
Draad: Recht. Soms ook spiraalgroei en golvende draad.
Nerf: Fijn.
Volumieke massa: 530 (410-800) kg/m3 bij 12% vochtgehalte, vers 640 kg/m3.
Werken: Middelmatig.
Drogen: Het hout droogt snel zonder veel neiging tot scheuren en vervorming. Kwasten gaan gauw los zitten en hebben de neiging om te splijten. Douglas met een hoog harsgehalte en bestemd voor toepassingen binnenshuis en waarbij het van een oppervlakafwerking wordt voorzien, kan het best versneld worden gedroogd. De overtollige hars wordt zo automatisch verwijderd, hetgeen voor sommige toepassingen noodzakelijk is. Het drogen van zwaardere maten van 80 mm en dikker is doorgaans moeilijker. In dosse gezaagd hout ontstaan gemakkelijk droogscheuren.
Bewerkbaarheid: De bewerking levert weinig moeilijkheden op, mits scherp gereedschap wordt gebruikt.
Spijkeren en schroeven: Goed, maar voorzichtig behandelen in verband met de kans op splijten.
Lijmen: Goed.
Buigen: Slecht.
Oppervlakafwerking: Vereist voorbehandeling. Bij afwerkmiddelen op basis van polyester kan de droging vertraagd en de filmvorming verhinderd worden. Oppervlakafwerkingen hechten op droog (maar eerst ontvet) douglas goed. Later uitzwetende hars kan de aangebrachte lagen echter zodanig beïnvloeden dat het wel eens nodig kan zijn het hout weer van de lagen te ontdoen en met thinner te ontvetten, waarna weer een nieuw afwerksysteem wordt opgebracht.
Duurzaamheid: Douglas, EuropeesKernhoutSchimmels 3-4.Termieten G.SpinthoutHylotrupes G.Anobium G.Oregon pineKernhoutSchimmels 3.Termieten G.SpinthoutHylotrupes G.Anobium G.
Impregneerbaarheid: Douglas, EuropeesKernhout 4.Spinthout 2-3.Oregon pineKernhout 4.Spinthout 3.
Bijzonderheden:  
Toepassingen: Douglas is dankzij de gunstige sterkte-eigenschappen en de grote afmetingen waarin het te koop is, voor zeer veel toepassingen geschikt. In de bouw zowel voor binnen- en buitenwerk, bijvoorbeeld ramen en kozijnen, deuren (met kwartiers gezaagde stijlen en dorpels), riftvloeren (vloeren van kwartiers gezaagde delen), binnen- en buitenbetimmeringen, pergola's, hekken. Zwaar balkhout wordt onder andere voor dragende constructies toegepast. Aangezien douglas behoorlijk bestand is tegen zuren, wordt het ook voor vaten en kuipen voor de chemische industrie gebruikt. Bekende toepassingen zijn ook ladderbomen, turngereedschap (bijvoorbeeld banken, evenwichtsbalken, wandrekken), carrosseriebetimmeringen, lijsten, stelen, stokken en meubelen. In Amerika wordt het ook gebruikt voor dwarsliggers (verduurzaamd), pijpleidingen en spantconstructies. Verder voor de jachtbouw, dekjes, huiden, spanten, masten, kano's, roeiriemen enz. Douglas is ook in de vorm van fineer in de handel verkrijgbaar. Tevens wordt douglas in enorme hoeveelheden voor de vervaardiging van constructietriplex gebruikt (Douglas fir plywood). Nederlands en Belgisch douglas wordt gebruikt voor allerlei soorten palen (heiningpalen, boompalen, perkoenpalen, heipalen). Het gezaagde hout wordt gebruikt voor damwand, voor al of niet gekantrecht potdekselwerk (over elkaar vallende delen gevelbekleding) en ook voor binten, balken en gordingen.
Kwaliteitseisen: Voor douglas en Oregon pine zijn Nederlandse normen verschenen in de serie Kwaliteitseisen voor Hout (KVH 1980), in 1988 NEN 5468 Houtsoort Europees douglas en in 1989 NEN 5470 Houtsoort Oregon pine.Oregon pine is genoemd in de Nederlandse praktijkrichtli