Surinaams groenhart
(terug naar houtsoorten of terug naar vloeren)

Atibt: ipé
Andere namen: bethabara, pau d'arco, ipé, tauary{*}, caixeta (Brazilië), guayacan polvillo (Colombia), guyacan, madera negra (Ecuador), ebène vert, ebène jaune (Frans Guyana), bowwood, whalebone greenheart (Guyana), cortez (Honduras, Nicaragua, Costa Rica), amapa (Mexico), guayacan (Panama), lapacho negro, guayacan (Paraguay, Argentinië), tahuari (Peru), groenhart (Suriname), flor amarillo (Venezuela).{*} verwerpelijke naam.
Botanische naam: Tabebuia serratifolia (VAHL) NICHOLSON (Surinaams groenhart) (= Tecoma spec. div.).De hieronder genoemde nauw verwante Tabebuiasoorten vertonen in eigenschappen veel overeenkomst met Surinaams groenhart en worden daarom samen besproken.Tabebuia ipe (MART.) STANDL., T. cassinioides DC., T. guayacan HEMSL., T. longiflora STANDL.
Familie: Bignoniaceae.
Groeigebied: Suriname en de rest van tropisch Amerika.
Boombeschrijving: De vele soorten en het grote verspreidingsgebied zijn er de oorzaak van dat de afmetingen van de bomen en de houteigenschappen sterk verschillen. Hoogte 30-37 m met een diameter van 0,6-0,9 m. Er zijn echter groeiplaatsen waar bomen van 50-65 m hoog voorkomen met een diameter tot 1,8 m. De takvrije rechte cilindrische stammen kunnen tot 20 m lang zijn en hebben aan de voet soms wortelaanzetten.
Aanvoer: Gekantrecht hout.
Houtbeschrijving: Hieronder wordt beschreven groenhart uit Suriname. De andere Tabebuiasoorten zijn wat lichter in gewicht, maar zijn uiterlijk en anatomisch niet van Surinaams groenhart te onderscheiden. De meeste sterkte-eigenschappen van de andere Tabebuiasoorten (met een lagere volumieke massa) zijn lager.Het groenachtig bruine tot groenachtig geelbruine kernhout is duidelijk te onderscheiden van het geelachtig grijze spinthout. De kern vertoont dikwijls lichte tot donkere strepen. Surinaams groenhart heeft een vrij gelijkmatige structuur zonder uitgesproken tekening. Het hout bevat de inhoudstof lapachol die op het langsvlak als (groen)gele streepjes zichtbaar is. Lapachol kleurt in aanraking met ammonia rood, waardoor Surinaams groenhart van bijvoorbeeld demerara groenhart is te onderscheiden. Het hout is zeer hard en sterk, moeilijk splijtbaar en zeer elastisch.
Loofnaald: Loofhout
Draad: Recht, soms kruisdraad of onregelmatige draad.
Nerf: Fijn.
Volumieke massa: 1050 (950-1150) kg/m3 bij 12% vochtgehalte, vers 1200-1300 kg/m3.
Werken: Gering.
Drogen: Vrij langzaam, geringe neiging tot vervormen en scheuren.
Bewerkbaarheid: Door zijn hoge volumieke massa moeilijk te bewerken, maar Surinaams groenhart laat zich glad afwerken. Door het vrijkomende lapacholstof kan bij daarvoor gevoelige mensen een huidaandoening (dermatitis) ontstaan.
Spijkeren en schroeven: Voorboren noodzakelijk.
Lijmen: Goed.
Buigen: Niet bekend.
Oppervlakafwerking: Goed.
Duurzaamheid: Schimmels I. In tegenstelling tot demerara groenhart is Surinaams groenhart niet bestand tegen aantasting door paalworm.
Impregneerbaarheid: Kernhout zeer moeilijk.
Bijzonderheden:  
Toepassingen: Voornamelijk voor constructiewerken (water-, bruggen- en scheepsbouw en havenwerken), voor zware werkbanken, bedrijfsvloeren, schuttersbogen, tuinmeubilair enz. In Brazilië veel gebruikt in de carrosseriebouw.
Kwaliteitseisen: